Hoe het werkt in de kudde In een kudde zijn een aantal posities te onderscheiden: Er is de positie van leidend paard, meestal een merrie (de lead mare). Die loopt vooraan en bepaald waar de kudde heen gaat en in welk tempo. De kudde volgt haar klakkeloos. Er is de positie van drijvend paard (meestal de hengst) die de kudde compact bij elkaar houdt. Deze loopt achteraan de kudde en heeft, samen met de lead mare, een belangrijke rol in het signaleren van gevaar. Er is de positie van volwassen moeder, die de veulens en jonge paarden opvoeden. Zij vormen de kern van de kudde. Zij laten de waakzaamheid voor gevaar over aan de lead mare en de drijvende hengst. Er is een vaste hiërarchie tussen deze paarden. Er is de positie van veulen/ jong paard, die nog van alles mag maar ook wordt opgevoed. De jonge veulens worden hierbij dichtbij aan de flank gehouden ter bescherming, de jonge paarden worden opgevoed waarbij het gezag wordt afgedwongen door ze naar de rand van de kudde sturen (= onveiligste plek in de kudde). De jonge paarden zijn bezig de hiërarchie ten opzichte van elkaar te bepalen en zullen daarna ook inbreken in de rangorde van de rest van de kudde. Als je goed naar een kudde paarden kijkt, kan je allerlei signalen waarnemen, die paarden naar elkaar uitzenden. Op onderstaande foto zie je bijvoorbeeld dat het meest rechtse paard (de driejarige fjord Freyja) een onderdanig gebaar maakt (hoofd laag) naar de rechter haflinger (Isola) die haar dominantere positie duidelijk maakt door Freyja aan te kijken. JPC Je Persoonlijke Coach